
De geschiedenis van Noach is één van de bekendste verhalen uit de Bijbel. Het is tegelijk ook één van de
verhalen die het meest in twijfel worden getrokken. Een wereldwijde zondvloed zou onmogelijk zijn. Toch is er
wereldwijd bewijs dat de zondvloed van de Bijbel wel degelijk historisch is.
Volken over de gehele wereld kennen een (variant van) dit verhaal. In China, India, Indonesië, Australië,
Griekenland, Nieuw-Zeeland, Scandinavië en Polynesië zijn er bijvoorbeeld stammen die een zondvloed verhaal kennen.
Verder kwam dit ook bij de Imka’s, Azteken en Maya’s voor. Verschillende elementen komen in al deze verhalen voor.
Ze bevatten allen de eerste drie punten die hieronder worden gegeven en een deel van de daaropvolgende punten:
1. Een algehele vernietiging van al wat leeft door middel van water.
2. Een ark (of een ander soort boot) als middel tot ontkoming.
3. Een aantal mensen en dieren overleven de vloed.
4. De oorzaak van de vloed is ongehoorzaamheid.
5. Eén man wordt gewaarschuwd door God of een godheid.
6. De ark (of een ander soort boot) landt uiteindelijk op een berg.
De evolutieleer leert ons dat mensen zich al miljoenen jaren ontwikkelen en dat ze dit verspreid van elkaar doen. De verschillende volken hebben niet allemaal contact met elkaar gehad. Het voorkomen van een zondvloed verhaal bewijst dat deze uitleg niet juist is. Maar wat is dan wel een verklaring?
In de Bijbel lezen we dat de mensheid na de zondvloed weer aanvangt met Noach, zijn zonen en hun vrouwen. Tot
aan de bouw van de Toren van Babel waren de mensen nauw met elkaar verbonden. Ze spraken ook allemaal dezelfde taal.
Het verhaal van de zondvloed zal tot op dat moment getrouw zijn doorgegeven.
Na de spraakverwarring bij Babel en de verstrooiing van de volken over de hele aarde veranderde dit. Het verhaal
van de zondvloed werd nog steeds doorgegeven, maar na verloop van tijd slopen er onnauwkeurigheden in het verhaal.
De uitzondering daarop zijn de Israëlieten.
Bovenstaande wordt duidelijk als we bijvoorbeeld het verhaal uit de Bijbel vergelijken met het Babylonische
Gilgamesj Epos. Dit werd ergens tussen 1728-1686 voor Christus geschreven door Hammoerabi. Drs Ben Hobrink is
duidelijk in zijn conclusie met betrekking tot beide verhalen: “Het bijbelse zondvloedverhaal beschrijft een boot
die de ideale afmetingen heeft voor een zeewaardig schip. Niet te groot om te bouwen, niet te klein om de nodige
dieren te vervoeren, dat tot de helft in het water lag, zodat de wind er weinig vat op had, en dat onmogelijk tot
kapseizen te brengen was.
In het verhaal van Uta-napisjtim en alle andere zondvloedverhalen op de wereld lees je de meest onrealistische
afmetingen. De ark van Noach is het enige bootmodel van alle zondvloedverhalen, dat voldoet aan de eisen van de
moderne scheepsbouwkunde.”